In sommige reacties word ik af en toe geprezen om mijn schrijftalent. Ik ben eens gaan nadenken hoe ik hier eigenlijk aan kom. Vroeger op de mavo kregen we de opdracht om tien boeken te lezen. Aangezien ik toen druk was met andere dingen had ik daar niet echt de tijd voor. De mondelinge overhoring kwam eraan, de eerste vraag ging over ‘Dorp aan de rivier’. “Over welke rivier gaat het boek?” Ik dacht dat moet 1 van de grote 3 in Nederland zijn en gokte: “De Maas”.   BAM!  1 punt binnen.  Helaas bleef het ook bij dat ene punt maar kreeg ik nog een 3 voor de uitspraak van de andere antwoorden die ik toen verzon. Voor grammatica haalde ik altijd punten boven de 8, dus gemiddeld heb ik me er doorheen weten te worstelen. Tegenwoordig hoor ik weleens dat mijn uitspraak minder is maar mijn fantasie stukken groter wordt na een dozijn Palm. Door de jaren heen heb ik het beste van beide weten te combineren en daar komen dan onder andere deze blogs uit voort.

Enfin, terug naar de orde van de dag. Ik ga uiteraard nog elke dag per tram naar het ziekenhuis. Vandaag en gisteren zo ergens rond de middag waar dan de laatste restjes chemo er bij Bianca in druppelen. Gisterenavond (zondag) had ze even een dipje en begon erg bleek te zien, dr. Fedorenko was er ook en kwam even kijken. Het bleek een beetje uitdroging te zijn als gevolg van de chemo. Een infuus met, wat ik heb begrepen, een suikeroplossing werd aangesloten en binnen 10 minuten kreeg Bianca haar kleur weer terug. Het ging weer een stuk beter en we hebben samen de film afgekeken waar we mee bezig waren. De derde chemo had ze eerder op die dag al slapend doorstaan en de vierde en laatste zit er net in terwijl ik dit schrijf.  Slapen, wat overigens ook een werkwoord is, is wat ze op het moment veel doet. Ik heb nog even met Bianca’s collega Kiwi Daniël gesproken en ook hij brengt zijn dagen momenteel grotendeels slapend door. Dit is vrij normaal in deze fase van de behandeling.

Mijn werkplek in het ziekenhuis heb ik intussen maar weer opgegeven omdat deze ergonomisch niet zo verantwoord bleek. ‘s Avonds elke keer met een zere rug terug naar het hotel was geen doen. In de hotelkamer heb ik een bureautje waar ik af en toe wat kan werken, en verder breng ik de dagen door met een beetje Netflixen als ik niet bij Bianca ben. We mogen tot op heden niet klagen en doen dat dan ook niet. Hetgeen waar we voor hier zijn loopt redelijk voorspoedig en daar doen we het voor.